Stempelplaats Kreuztalsklippe HWN 162

Stempelplaats 162 / Uitzichtpunt Kreuztalsklippe / Wieda

De Kreuztalsklippe is een ongeveer 60 m hoge rots met een uitkijkterras, vanwaar men een prachtig uitzicht heeft op het centrale deel van het dorp Wieda – op de rij huizen aan de Bohlweg en bij de ingang van de Silberbachsiedlung, evenals op de bebouwing op de Käseberg. Helemaal op de achtergrond is de top van de Stöberhaig te zien, waar vroeger het berghotel stond. 

Stempelplaats Kreuztalsklippe HWN 162

De Kreuz­tals­klip­pe is een onge­veer 60 m hoge rots met een uit­kijk­ter­ras, van­waar men een prach­tig uit­zicht heeft op het cen­tra­le deel van het dorp Wie­da – op de hui­zen­rij aan de Bohl­weg en bij de ingang van de Sil­ber­bach­sied­lung, even­als op de bebou­wing op de Käse­berg. Hele­maal op de ach­ter­grond is de top van de Stö­ber­haig te zien, waar vroe­ger het berg­ho­tel stond. 

De Kreuz­tals­klip­pe rijst op op het smal­ste punt van het Wie­da­dal, waar aan weers­zij­den van de Wie­da­bach net ruim­te is voor de Bohl­weg en de dorps­weg met het weg­vak „Am Kreuz­tal“. Op de stei­le berg­hel­lin­gen pas­te tel­kens slechts één rij hui­zen. Aan weers­zij­den van de Wie­da berei­ken de ber­gen een hoog­te van onge­veer 500 m (Knic­king, Käse­berg, Füllenberg). 

Op de Bohl­weg liep van 1899 tot 1963 het tra­cé van de Süd­har­zei­sen­bahn. Daar vindt elk jaar in sep­tem­ber het straat­feest van Wied, „Spel­le varn Schwel­le“, plaats. Veel voor­ma­li­ge wei­den op de stei­le berg­hel­lin­gen ach­ter de hui­zen zijn tegen­woor­dig weer bebost. De woon­wijk op de Käse­berg ont­stond pas na 1956. Op de hel­ling van de Käse­berg bevindt zich het in 2017 inge­rich­te stem­pel­punt „Bie­nenpfad“. Dit ter­rein dien­de van 1733 tot 1890 als berg­be­graaf­plaats en werd in 1936 omge­vormd tot een kuur­park. Sinds 1721 staat hier­bo­ven het klok­huis­je, dat door de loka­le bevol­king de klok­ken­to­ren wordt genoemd en als her­ken­nings­punt van Wie­da geldt. De Luther­kerk (bouw­ja­ren: 1770 tot 1778), gele­gen aan de over­kant in het Wie­da­dal, werd zon­der klok­ken­to­ren ont­wor­pen, omdat de klok­ken en de toren­klok des­tijds al op de berg­hel­ling stonden. 

Van het rots­mas­sief van de Kreuz­tals­klip­pe kwa­men steeds weer ste­nen los, die een gevaar vorm­den voor de bewo­ners onder­aan de klif.In 1915 plaatste een bedrijf uit Bre­men in opdracht van de her­to­ge­lij­ke bos­bouw­dienst in het bos onder­aan de klif een ste­vi­ge omhei­ning – een sta­len con­struc­tie – ter bescher­ming tegen steenslag.

In 1930 werd het uit­kijk­punt Kreuz­tals­klip­pe door de afde­ling Wie­da van de Harz­klub ver­groot door het ter­rein vlak te maken en omge­ven met een ijze­ren leu­ning, waar­aan twee door de Wie­daer Hüt­te gego­ten pla­ten (motie­ven: „Mijn­wer­ker“ en „Wil­de man“) waren aangebracht.

Op het uit­kijk­ter­ras nodi­gen bank­jes en een schuil­hut de wan­de­laar van­daag uit om even uit te rus­ten. Hans Peters – de jaren­lan­ge, ver­dien­ste­lij­ke voor­zit­ter van de Harz­klub-afde­ling Wie­da – heeft zijn naam aan de hut gege­ven. De afzet­ting naar de klif toe werd in 2024 ver­nieuwd door de Harz­klub-afde­ling Wie­da in samen­wer­king met de THW-jeugd van Nedersaksen. 

Van­uit het dorp kun je de Kreuz­tals­klip­pe van­uit ver­schil­len­de rich­tin­gen berei­ken. De kort­ste rou­te loopt via de Schul­straße, langs het bejaar­den­te­huis Lamm, het bos in en ver­vol­gens over het bos­pad. Wie met de bus naar Wie­da reist, moet uit­stap­pen bij de hal­te „Am Kreuztal“. 

Silhouet van bomen en heuvels bij nacht